Mijn column van deze week in DS: over neutraliteit, eigenheid en wantrouwen

Wantrouwen is wat ons bindt

Een affichecampagne in Duitsland van de extreemrechtse partij AfD. ap
Didier Pollefeyt (DS 30 augustus) en Wouter De Tavernier (DS 4 september) hebben overschot van gelijk: maatschappelijke neutraliteit inzake ­levensbeschouwing bestaat niet. Dat gaat ook op voor een individu: een mens kan niet neutraal zijn, of hij is geen mens meer. Dat hoeft niet eens om geloof te gaan. De wijze waarop je bent gekleed, je sekse, je glimlach, de manier waarop je mensen aanspreekt: het getuigt onvermijdelijk van een bepaalde visie en een persoonlijkheid. Met een persoonlijkheid is niets mis, ook niet in een openbare functie. De diversiteit aan overtuigingen en stijlen is een maatschappelijke verrijking, geen obstakel. In Noord-Korea, bijvoorbeeld, moeten alle mannen zich gedragen naar het beeld van Kim Jong-un. In België gelukkig niet.
Individuele overtuigingen mogen natuurlijk de gelijke en rechtvaardige behandeling van medeburgers niet in de weg staan. Wie een openbare functie bekleedt, mag de eigen voorkeur nooit opdringen aan anderen. In een seculiere samenleving verwachten we alleen dat overheidsinstellingen zich onbevooroordeeld opstellen ­tegenover alle burgers. De overheid mag geen voorkeur laten blijken voor één ­levensbeschouwing én moet erop toezien dat iedereen de eigen levensbeschouwing kan opnemen zonder daarbij anderen voor het hoofd te stoten. Dat laatste is een heikel punt.
Een seculiere samenleving gaat principieel gepaard met levensbeschouwelijke diversiteit: ze garandeert dat elk individu een eigen overtuiging kan kiezen en daarmee naar buiten mag komen. In de praktijk lijkt dat steeds minder vlot te lopen, omdat we elkaar vaker ‘voor het hoofd stoten’. Momenteel zijn het vooral de bedreigde meerderheden (Ivan Krastev) die van zich laten horen. Dat zijn voornamelijk blanke mensen die in Europa en de VS in de meerderheid zijn, maar vrezen dat hun land wordt overgenomen door een coalitie van vreemdelingen en een zogeheten politiek correcte elite. Hun toegenomen politieke en maatschappelijke invloed komt onder meer tot uiting in de betekenis­verschuiving die het begrip neutraliteit heeft ondergaan. Neutraliteit lijkt vandaag vooral synoniem te zijn met ‘wat van ons is’: onze waarden en normen, onze tradities, dingen die we gewoon zijn, zoals een kerststal of zwarte piet. En dus ook mensen die eruitzien als de leden van de bedreigde meerderheid. Een moslima met een hoofddoek hoort daar blijkbaar niet bij.
Neutraliteit lijkt vandaag vooral synoniem te zijn met ‘wat van ons is’: onze waarden en normen, dingen die we gewoon zijn
Het debat over levensbeschouwelijke neutraliteit is daardoor langzaam maar ­zeker geëvolueerd tot een discussie over de plaats van identiteit en andersheid in onze samenleving. Getuige daarvan twee opvallende affichecampagnes van de afgelopen week. Eentje in Duitsland van de extreemrechtse partij Alternative für Deutschland (AfD) die de kiezer voor zich wil winnen met affiches van meisjes aan het strand vergezeld van de slogan ‘Boerka’s? Wij verkiezen bikini’s’. Andere campagnebeelden gaan nog veel verder en refereren onomwonden aan het idee dat Duitsland er ­alleen is voor de echte Duitsers. Dat kan tellen. Vervolgens was er in Vlaanderen de diversiteitscampagne waarvan één beeld controverse opwekte: een vrouw met een hoofddoek (DS 30 augustus) . Na kritische reacties op Twitter besliste minister Liesbeth Homans (N-VA) het beeld meteen terug te trekken om, zo voegde haar woordvoerder er nog aan toe, vooral niet de indruk te wekken dat iedereen in elke functie religieuze symbolen kan dragen.
De felle reacties op de diversiteits­campagne en de haast van de minister lijken eerder te getuigen van angst: de angst van de bedreigde meerderheden dat onze seculiere staat ongewild meewerkt aan de teloorgang van ‘onze’ leefwijze, omdat ze principieel de levensbeschouwelijke diversiteit bevordert. Gezien haar electorale achterban wil minister Homans die schijn vooral niet opwekken. Door vlotjes mee te gaan in de publieke afkeuring van een affiche door een groepje van mensen, geeft zij het foute signaal dat iedereen met een hoofddoek bedreigend is of geen echte Vlaming is. Dat is nefast, omdat je op die manier een deel van de bevolking als boodschap meegeeft dat ze finaal gesproken niet echt deel uitmaken van dit land. Dat werkt integratie tegen.
Tegelijk wordt de begripsverwarring tussen neutraliteit en eigenheid verder gecultiveerd. Daardoor monden seculiere pleidooien voor het afleggen van opzichtige religieuze symbolen steeds meer uit in een verkapt ‘eigen cultuur eerst’-betoog. Daartegen durft haast niemand meer te protesteren uit schrik als politiek correct te worden omschreven.
Je zou van een overheid mogen verwachten dat ze de – op zich te begrijpen – angst voor andersheid probeert te doorbreken door aan te tonen dat het dragen van religieuze tekenen onpartijdigheid niet in de weg hoeft te staan – zoals inderdaad met een affiche van een vrouw met een hoofddoek die natuurlijk haar job naar behoren doet. Nu gebeurt het omgekeerde: de bedreigde meerderheid wordt in haar angst bevestigd en minderheden voelen zich uitgesloten, waardoor beide kampen op hun vermeende eigen identiteit terugvallen. Op die manier zijn we alleen nog met elkaar verbonden vanuit het gevoel bedreigd te zijn door de anderen. Een zeer kwalijke evolutie.

Comments

Popular posts from this blog

debatten en interviews over Het Empathisch teveel

Opvolging dossier fixatie en isolatie