Hoort theologie thuis aan een universiteit? Mijn bijdrage aan het debat

KUNNEN SEISMOLOGEN AARDBEVINGEN VOORSPELLEN?

 DOCEERT MEDISCHE FILOSOFIE EN ETHIEK AAN DE UGENT EN DE ARTEVELDE-HOGESCHOOL, COLUMNIST VAN DEZE KRANT.
Theologen hebben na millennia nog steeds geen antwoord op de meest fundamentele vragen van hun kengebied. Voor Maarten Boudry is dat een criterium om theologie dan maar af te schaffen als academische discipline (DS 28 februari) .
Eigenaardig. Het antwoord schuldig blijven op basale vragen is een kern­eigenschap van zowat elke academische discipline, geen bewijs van wetenschappelijk onvermogen. Na vijfentwintig eeuwen hebben filosofen nog steeds geen antwoord gevonden op de meest fundamentele vragen van hun domein: wat is een goed mens, hoe moeten we samenleven, hoe kunnen we kennen of hoe moeten we handelen? Weten pedagogen hoe we een kind perfect moeten opvoeden? Sinds wanneer kunnen klimatologen het weer exact voorspellen of seismologen een aardbeving tot op de dag zelf situeren? Hebben economen ooit al een economische crisis kunnen profeteren? En hoe zit dat in de wiskunde, bestaat het getal oneindig nu echt of niet?
Het lijstje is eindeloos. En jawel, in sommige disciplines is er sterke vooruitgang omdat we door reductie van complexiteit en doorgedreven meetbaar wetenschappelijk onderzoek al heel wat kennis hebben verzameld. Maar zodra het over complexe zaken gaat, blijven de vragen vaak pal overeind. We kunnen veel meten, maar er is zoveel dat we niet weten. Hoe zou het ook.
Academische disciplines hebben, behalve wetenschappelijke kennis verzamelen, nog een andere kerntaak: ons bijbrengen dat we op de meeste fundamentele vragen geen antwoorden hebben en dat de (politieke) verleiding om te doen alsof dat wel zo is, een gevaarlijke illusie is. Beeld je eens in dat we wel denken te weten hoe we een kind moeten opvoeden of wat een juiste samenleving is?
Ook theologen kunnen bij die kritische taak van dienst zijn. Odo Marquard, een academische theoloog, wijst ons erop dat we in onze hedendaagse controledwang met toeval geen weg meer weten. Zeker wat het menselijk lijden aangaat, kunnen we steeds minder verdragen dat er niet voor elke ziekte meteen een therapie klaarligt. En als de geneeskunde faalt, zoeken we tot we een schuldige hebben gevonden. Hij noemt dat de wet van de toenemende ergernis.
Het ultieme bewijs
Als dat geen waardevol academisch inzicht is, van een theoloog. Want heus, denk je nu echt dat Marquard zich vandaag nog als een middeleeuwse scholast verwondert over de vraag hoeveel goden er bestaan? Zoals ik mij hier in een eerder stuk al afvroeg: zou het kunnen dat vandaag, meer dan theologen zelf, vooral sommige atheïsten zich om God bekommeren? Waarom bijvoorbeeld zo koortsachtig op zoek gaan naar het ultieme bewijs dat God niet zou bestaan? Is er soms een groeiende paniek dat hij misschien toch niet dood is, zoals Friedrich Nietzsche ons voorhield?
Als ik iets heb geleerd van theologie, dan dat hij die denkt te weten wie of wat God is, steeds van een kale reis thuis komt. God is nooit waar we denken dat die is. Welnu, leren omgaan met de onmogelijkheid om bij de waarheid aan te komen, is voor een vak als het onze – filosofie – maar bij uitbreiding voor elke academische discipline, een van de vele cruciale inzichten die theologie ons kan opleveren.
Illusoire kennis kan problematisch zijn, maar de (evangelische) gedachte dat we ooit alle illusies achter ons kunnen laten, evenzeer. Trouwens, alleen in de meest enge definitie van wetenschap – een één-op-één-verhouding tussen woorden en waarneembare objecten – kom je tot de stelling dat sommige disciplines beter op de schop kunnen. Ik hoopte dat we ondertussen geleerd hadden uit die mislukking genaamd logisch positivisme. Maar goed, juist omdat we altijd blijven struikelen over onszelf, is er wetenschap nodig, en filosofie, en literatuur, en menselijke verbeeldingskracht.

Comments

Popular posts from this blog

Interview De Morgen over 'voorspellende geneeskunde' (De Morgen, 090714, Barbara Debusschere)

Opiniestuk DS (28/11/13) 'De piëdestal van het morele narcisme'