Tuesday, September 8, 2015

'Laat u vooral een schuldgevoel aanpraten'

Naar aanleiding van de vluchtelingencrisis horen we vaak de volgende uitspraak weerklinken: ‘Ik laat me geen schuldgevoel aanpraten’. Deze zin lijkt stilaan de mantra geworden van al wie ingaat tegen de ‘stroom aan vluchtelingen’. Vaak noemt men zichzelf ook ‘moedig’ omdat men zich ‘niet laat leiden door emoties’. Maar wat is daar nu van aan?

Mijn analyse hierover in De Standaard van 8 september 2015. Klik hier voor de link.
Hieronder de integrale tekst.






Schuldgevoel en moreel besef zijn veel meer dan zomaar emoties. Het zijn afwegingen die zich bevinden op het snijvlak van ratio en moreel aanvoelen. Jezelf een schuldgevoel laten aanpraten, vormt de basisvoorwaarde tot moreel gedrag en het maken van de ‘juiste’ keuzes. Het is de motor van ons handelen, een in wezen zeer positieve drive, zoals ook afgelopen weekend is gebleken. De joodse filosoof Emmanuel Levinas schreef het zo vaak in zijn teksten: ‘de ander verschijnt aan mij als een Gelaat, als iemand die mij aankijkt en een beroep doet op mijn verantwoordelijkheid’.
Schuldgevoel hoeft niet te betekenen dat we persoonlijk schuld dragen voor iets en om die reden iets doen. Zo zei een Oostenrijkse die vluchtelingen hielp in deze krant: ‘Zeventig jaar geleden, tijdens de oorlog, hebben wij de ogen gesloten. Ik denk dat we iets goed te maken hebben’
(DS 7 september)
. Het gaat erom dat we kijken naar de wereld, en de confrontatie met het leed en het onrecht niet uit de weg gaan. Een groot deel van de ‘Vlaamse strijd’ is daardoor gedreven: het morele aanvoelen dat onrecht moest worden bestreden.
Ons laten leiden door een moreel aanvoelen stelt ons ook in staat in te zien dat we fouten maken, dat we moeten bijsturen, of dat we te weinig doen. We hebben nu eenmaal niet altijd gelijk. Wie zichzelf een schuldgevoel laat aanpraten, beseft: ik moet iets doen of het is schuldig verzuim in de morele betekenis van het woord.
Politieke leiders doen ertoe omdat ze op het juiste moment dat verantwoordelijkheidsgevoel toelaten en dat ook uitdragen naar de samenleving. Zoiets kunnen we omschrijven als de weloverwogen moed om iets aan het leed te doen, daarin zelf het voortouw te nemen en ‘datgene wat niet uitgelegd kan worden’ toch aan de bevolking duidelijk te maken, hoe lastig ook. Wie die moed opbrengt, laat de samenleving beseffen dat er soms lastige ingrepen nodig zijn om urgente problemen te bestrijden – iets wat deze regering trouwens meermaals heeft gedaan op het vlak van sociale uitkeringen.
Op die moed kunnen we terugvallen bij momenten van vertwijfeling – ‘waarom doe ik dit allemaal?’. Wie als politiek leider een antwoord wil bieden op deze enorme vluchtelingencrisis, ziet immers ook mensensmokkelaars aan het werk, merkt dat er weinig Europese solidariteit is en dat we inderdaad niet iedereen kunnen opvangen, omdat de middelen en de plaatsen niet onbeperkt zijn. Dat knaagt: is het allemaal wel de moeite waard? Maakt het een verschil uit?
Cynisme
Schuldgevoelens zijn ook ambivalent en meerduidig, omdat het verschil tussen recht en onrecht niet altijd eenduidig is. Die grijze zone is lastig en voor velen de aanleiding om cynisch te worden en te besluiten dat het toch allemaal hopeloos is. Dan kan niets hen nog deren en duwen ze het schuldgevoel van zich weg. Is dat dan zo rationeel?
Cynisme bestrijden we vooral door het moreel besef hoog te houden en te blijven handelen volgens de principes die we denken te moeten uitdragen, en die zo nodig bij te sturen. Dan laten we schuldgevoel juist wel toe en dat hoeft rationaliteit niet in de weg te staan. Vandaar mijn hypothese: vertrekt niet elk minimaal moreel besef, als burger of als politicus, vanuit het openstaan voor de vraag of we niet anders of beter hadden kunnen handelen?
Een ding is duidelijk: politici die voor zichzelf beslissen zich niet door schuldgevoel te laten leiden, moeten later niet komen klagen over het gebrek aan burgerzin of het gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel van burgers voor hun persoonlijke situatie (ziekte, werk). Waarom zouden die burgers op dat moment niet ook antwoorden met de mantra: ‘We laten ons geen schuldgevoel aanpraten’?

2 comments:

  1. Hebben "wij" Europa nu niet gewonnen?
    Zijn velen van de vluchtelingen nu ook niet naar hier gekomen voor onze waarden van sociale zekerheid, vrede, geen onderdrukking ...
    De vluchtelingen die hier nu zijn en geholpen moeten/willen worden kunnen "ons" ook helpen...er is hier nog zoveel werk te doen!
    Om maar 1 ding aan te halen ons wegennet.
    Voor iets hoort iets. Die personen kunnen bvb on the Job taalcoaching krijgen en andere bijscholing... Ze kunnen helpen bij het bouwen en restaureren van gebouwen, het werk hier verlichten of sneller vooruit doen gaan!
    Wij kunnen extra werk creëren door die personen te helpen.
    Is het grote probleem hier niet onze politiek, die steeds als een voetbalteam speelt met individuele sterspelers die gaan voor eigen roem,
    maar nooit samenspelen als"ploeg" en we daardoor meer verliezen dan winnen ?

    ReplyDelete
  2. "Waarom zouden die burgers op dat moment niet ook antwoorden met de mantra: ‘We laten ons geen schuldgevoel aanpraten’?"
    Het antwoord is vrij simpel: omdat die burgers deel uitmaken van eenzelfde, organisch gegroeide burgergemeenschap of civieke gemeenschap. Als ik een dakloze op straat zie, denk ik "Hij is misschien gedeeltelijk verantwoordelijk voor zijn lot, maar ik draag het systeem mee (of ik functioneer er toch in) dat zijn lot mogelijk heeft gemaakt, dus ik ben bereid tot een zekere graad van solidariteit (omgekeerd evenredig met de eigen verantwoordelijkheid die ik hem in zijn lot toeschrijf)." Voor het complete ineenstorten van de samenlevingen in Afrika of in het Nabije of het Midden-Oosten daarentegen voelen zich onze burgers helemaal niet verantwoordelijk. En wie zal hen ongelijk geven? Het falen van die samenlevingen is niet alleen, maar wel in grote mate bepaald door een gewelddadige, patriarchale cultuur. Verder over dat schuldgevoel: het is absoluut normaal dat onze burgers zich geen schuldgevoel willen laten aanpraten. Wie vanuit een schuldgevoel handelt, mag voor zijn goede daad geen dankbaarheid verwachten, want hij heeft ten slotte maar het minimum gedaan dat vereist was om zich van zijn schuld te kwijten. Dat maakt gewone burgers bang, omdat het de nieuwkomelingen de indruk zou kunnen geven dat ze zich niet door arbeid, aanpassing, respect enz. moeten integreren in het bestaande maatschappelijk weefsel. Links vergist zich door dit grof te onderschatten.

    ReplyDelete